Tag

ondernemer

Browsing

Als secretaresse van de directeur of van personeelszaken heb je te maken met bepaalde verantwoordelijkheden. Naar je baas maar ook naar de werknemers. Het maakt even niet uit of je werkt in het midden- of kleinbedrijf of dat je verantwoordelijk bent voor een personeelsbestand van duizenden. Vroeg of laat krijg je te maken met arbeidsverzuim, meestal door ziekte. Bij kortdurend verzuim kun je vaak door werk ad hoc te herverdelen je bedrijfsprocessen in gang houden. Heb je te maken met langdurig verzuim, dan is de kans groot dat je extra kosten moet maken door externen in te huren. Daarnaast krijg je te maken met de wettelijke vereisten van re-integratie in het eerste en eventueel het tweede spoor. Dit kan jouw baas en de organisatie veel tijd en moeite, en dus geld gaan kosten.

Met welke bedreigingen heb je als ondernemer te kampen?

De ontwikkelingen op de arbeidsmarkt heeft jouw baas vast hoofdbrekens opgeleverd. Het is niet meer zo gemakkelijk om bij deze arbeidskrapte aan voldoende gekwalificeerde medewerkers te komen. De coronapandemie en de regels ten aanzien van gedwongen isolatie hebben er ongetwijfeld ingehakt. Het is niet vreemd als je lange tijd met te weinig personeel te veel werk hebt moeten verzetten. Daarnaast maak je je terecht zorgen om medewerkers die nu te kampen hebben met long-covid. Als deze zaken zetten de organisatie blijvend onder druk. Korte piekbelasting kan iedereen wel aan, maar continue piekbelasting is uiteindelijk een beproefd recept voor langdurige uitval, waarbij het maar de vraag is of re-integratie kan helpen. De situatie in de zorgsector mag je als voorbeeld nemen. Jij en je baas willen er alles aan doen om dit zoveel mogelijk te voorkomen.

Hoe voer je re-integratie op correcte wijze uit?

In geval van langdurig arbeidsverzuim is goede re-integratie op de eigen werkplek een eerste vereiste. Dit vereist goede communicatie en het maken van duidelijke en controleerbare afspraken. De afdeling HR, je direct leidinggevenden en je arbodienst zijn hierbij je aanspreekpunten. Ook de verzuimende medewerkers heeft naast rechten bepaalde plichten. Is het duidelijk dat re-integratie in het eerste spoor er niet in zit, dan is het van belang om zo snel mogelijk een tweedespoor-traject uit te zetten. De wetgever eist op gezette tijden bepaalde stappen en een goede verslaglegging. Kampt je organisatie met meerdere gevallen van langdurig verzuim, dan betekent dit dat je medewerkers hier veel tijd aan kwijt zijn. Tijd die ze niet aan andere werkzaamheden kunnen besteden.

Adequate ondersteuning bij re-integratie

Goede verslaglegging is cruciaal. Dit geldt ook voor de wettelijk verplichte stappen tijdens re-integratie. Als je verstandig bent, zorg je ervoor dat je organisatie beschikt over een verzuimvolgsysteem waarin alle acties en afspraken vastgelegd zijn. Een goed verzuimvolgsysteem heeft zich in de praktijk bij talloze bedrijven en organisaties bewezen. Bedenk wel dat een verzuimvolgsysteem geen oplossing, maar wel een bijna noodzakelijke ondersteuning is. Het voorkomt onduidelijkheid, tijdverlies en eventueel zelfs wettelijke boetes. Uiteindelijk zullen jij, je medewerkers en je ketenpartners als UWV en arbodienst samen met verzuimende medewerkers moeten zorgen dat re-integratie succesvol is. Met een goed verzuimsysteem kan iedereen zich concentreren op de hoofdzaak: verzuimende medewerkers zo adequaat mogelijk re-integreren, in je eigen organisatie of elders.

Het uitsturen van een persbericht is voor ieder bedrijf en iedere ondernemer een belangrijk moment. Je hebt namelijk een belangrijke ontdekking gedaan, interessante informatie verkregen of iets anders dat de doelgroep niet mag missen. Maar hoe schrijf je nu een goed persbericht? Je wilt natuurlijk wel dat hij door andere bedrijven overgenomen wordt om een zo groot mogelijk bereik te realiseren.

Houd er rekening mee dat mensen het tegenwoordig druk hebben, de ontvanger moet dus zo min mogelijk handelingen uit moeten voeren om het persbericht te lezen. Daarnaast moet het uiteraard ook in een oogopslag duidelijk zijn wat het nieuws is.

[quote align=”center” color=”#6B1144″]Een bericht met “Lees het persbericht over onze nieuwste dienst” is dan ook niet veelzeggend.[/quote]

Hoe schrijf je een goed persbericht die gelezen wordt, verder verspreid wordt en interessant is voor de doelgroep?

  1. Belangrijkste bovenaan: Om de aandacht van de lezer te trekken moeten de zinnen met de belangrijkste informatie bovenaan staan. Om te zorgen dat je geen belangrijke informatie vergeet kan je jezelf de 6-w vragen stellen.
  2. Zet het persbericht in de e-mail zelf: Niks is zo vervelend als eerst een ander bestand te moeten openen of een slecht leesbare tekst. Maak het de lezer zo makkelijk mogelijk door de tekst direct in de mail te typen. Vergeet de mooie opmaak, gekleurde letters, logo’s en achtergrond kleur. De mooie opmaak van het persbericht zou je wel extra in de bijlage toe kunnen voegen.
  3. Selecteer een lijst met ontvangers: Niet iedereen is geschikt als ontvanger van jouw persbericht. Zorg er altijd voor dat het persbericht alleen gaat naar degene die er ook daadwerkelijk iets mee kunnen.
  4. Wees bereikbaar voor vragen: Op de dag van verzending kan je veel vragen ontvangen van lezers. Vragen over bijvoorbeeld het onderwerp of beeldmateriaal. Zorg er altijd voor dat de contactmogelijkheden duidelijk  vermeld staan.  Ook moet er door het bedrijf direct gereageerd worden op vragen.
  5. Juiste toon: Het persbericht moet voor iedereen leesbaar. Ondanks dat vakjargon voor jou misschien niet meer dan logisch is, is dat voor andere ontvangers soms niet.
  6. Onderbouw: Zet in een nieuwsbrief nooit alleen “Dit product is innovatief of uniek” maar onderbouw alles wat je zegt. Slim is zelfs om net genoemde woorden achterwege te laten. Benoem wat er volgens jullie zo uniek of innovatief aan is. De lezer kan dan zelf bepalen wat hij/zij hiervan vindt.
  7. Veel gemaakte fout: Ontvangers niet in bcc zetten: Alle ontvangers horen anoniem te blijven. Zorg er daarom voor dat mailadressen van ontvangers nooit zichtbaar zijn voor andere ontvangers.

 

Steeds meer vrouwen wagen de sprong naar het ondernemerschap. In de periode 2000 tot en met 2009 is het aandeel vrouwelijke starters gegroeid van 25 naar 35 procent van het totale aantal starters.

Dat blijkt uit een rapport van onderzoeksbureau EIM. In abolute zin is het aantal vrouwelijke starters toegenomen van ongeveer 300.000 naar 350.000. Daarmee maken ze ongeveer 32 pocent uit van het totale aantal ondernemers.

Vrouwelijke ondernemers zijn vaak hoog of middelbaar opgeleid en behoorlijk innovatief. De helft van de vrouwelijke ondernemers werkt minstens 36 uur per week. Dit is ook het gemiddelde, omdat de helft die minder dan 36 uur werkt wordt gecompenseerd door een groot aantal ondernemers dat veel meer uren draait.

Winstgevend
Ze hebben in zeven op de tien gevallen een winstgevend bedrijf, maar blijven wat winstniveau betreft wel achter bij hun mannelijke collega’s. De gemiddelde winst van de vrouwelijke ondernemer ligt rond de 60 procent van wat mannelijke ondernemers door de bank genomen in de wacht slepen.

Volgens de onderzoekers hangt het lagere winstniveau mogelijk samen met verschillende aspecten van het vrouwelijk ondernemerschap. Zo is slechts een kwart hoofdkostwinner binnen het gezin en vinden vrouwen het vooral belangrijk eigen baas te zijn, in plaats van primair gedreven te worden door groei. Ook persoonlijke ontwikkeling en het vinden van een balans tussen werk en privé vormen vaak drijfveren om voor zichzelf te beginnen.

Kleinschalig
Daarnaast gaat het vaak om kleinschalige ondernemingen. Bijna zes op de tien vrouwen heeft geen personeel in dienst en ondernemingen die uit meer dan tien werknemers bestaan vormen maar tien procent van het totaal. Ook zijn vrouwen vaker dan mannen actief in sectoren die minder winst opleveren. Vrouwelijke ondernemers zijn vooral te vinden in de sectoren handel en reparatie, zakelijke dienstverlening en overige dienstverlening.

Bron: Marijke verhaar, Aantal vrouwelijke ondernemers groeit flink, Nuzakelijk.nl februari 2011

Nederlandse ondernemers zijn vooral positief over de vooruitzichten voor het eigen bedrijf in de komende zes maanden. Zij verwachten dat het aantal orders, de omzet en de winst licht verbeteren.

Dat blijkt uit een dinsdag gepubliceerd onderzoek van Van Lanschot Bankiers. Daarnaast denken bedrijven het komende halfjaar iets gemakkelijker te kunnen lenen. Ondernemers zijn minder te spreken over de eigen branche. Vooral in de bouw en handel zijn ze somber over de conjuncturele ontwikkelingen en de economische vooruitzichten. In de industrie, horeca en de zakelijke en commerciële dienstverlening zijn ondernemers juist weer positiever.

Niet in Nederland
Een op de vijf ondernemers is niet tevreden over het vestigingsklimaat in Nederland. Zij geven aan hun bedrijf niet in Nederland te starten als zij opnieuw zouden beginnen. Ondernemers zijn vooral bezorgd over de huidige prijsontwikkeling in de markt, waardoor de marges flink onder druk staan. Dat maakt het voor bedrijven soms moeilijk winstgevend te zijn. Maar ook de wet- en regelgeving maakt het ondernemen er niet makkelijker op. Volgens het onderzoek is er nog steeds sprake van grote administratieve lastendruk voor het middenbedrijf.

Nieuwe kansen
Veel ondernemers zijn ook nog eens geraakt door de wereldwijde financiële crisis. Toch beweert bijna de helft van de ondernemers dat de crisis ook positieve gevolgen heeft gehad voor hun bedrijf. Voor een aantal ondernemingen heeft de economische crisis nieuwe kansen geboden, omdat zij actief zijn in sectoren waar juist in tijden van een recessie veel vraag naar is.

Bron: Ondernemer vooral positief over eigen bedrijf, Nuzakelijk.nl december 2010