Hoe zat het ook alweer?

Het klinkt als een reclametekst voor de holding van twee grote Franse automerken, maar dat is het niet. PSA staat voor psychosociale arbeidsbelasting. Sinds er in 2007 een nadere invulling van het begrip “welzijn” in de arbowet is ingevoerd, wordt psychosociale arbeidsbelasting (PSA) gedefinieerd als onder meer discriminatie; seksuele intimidatie; agressie; werkdruk en pesten op de wekvloer. Als onderdeel van de zorgplicht stelt de arbowet dat de werkgever er alles aan moet doen om de PSA tot het uiterste minimum te beperken, liefst zelfs tot 0 te reduceren. Omdat de PSA een steeds belangrijkere rol speelt in de Risico Inventarisaties en Evaluaties (RI&E), hebben partijen binnen bedrijven steeds meer de plicht om aan deze “zachte” kant van de arbeidsomstandigheden (arbo) aandacht te besteden en maatregelen te nemen.

Onderzoek minister SZW

Nieuw is dit alles niet. Maar omdat de afgelopen week in het teken stond van de PSA is de belangstelling momenteel groot. Toeval of niet, maar in deze week ging de Tweede Kamer definitief akkoord met een zestal wijzigingen van de arbowet die per 1 januari 2017 van  kracht gaan worden. Een aantal wijzigingen hebben een rechtstreekse relatie met de PSA. Niet rechtstreeks gerelateerd, maar wel van belang is de verplichting voor bedrijven en instellingen om per 1 juli dit jaar een klokkenluidersregeling te hebben. En alsof dit nog niet alles was, kondigde minister Asscher (Sociale Zaken en Werkgelegenheid, SZW) gisteren aan een nader onderzoek te willen instellen naar de aard van het pesten op de werkvloer. Opvallend was het doel dat de minister hiermee wil beogen: Kijken hoe het management beter uitgerust kan worden om pesten op de werkvloer tegen te gaan. Een nobel streven?

Wat kan er aan gedaan worden?

Op het eerste gezicht is dit inderdaad een nobel streven van de minister. Wie kan daar immers tegen zijn? Maar misschien is het ook verstandig te kijken naar wat er is en wat er ontbreekt. Een samenvatting:

  • Als het gaat om het in kaart brengen van de PSA is er al vanaf 2007 een belangrijke rol weggelegd voor de medezeggenschap; het begrip welzijn werd strakker in PSA omschreven en maakte onderdeel uit van de RI&E’s. Als regeling op het gebied van arbeidsomstandigheden waren en zijn RI&E’s onderworpen aan het instemmingsrecht volgens de Wet op de Ondernemingsraden (WOR, artikel 27). Artikel 28, lid 2 WOR definieert zelfs het begrip PSA en stelt dat de medezeggenschap bovendien het toezicht heeft op de naleving van afspraken die op het gebied van de PSA gemaakt zijn. Zijn ze er niet, dan heeft de medezeggenschap de “bevorderende taak” ervoor te zorgen dat die afspraken gemaakt en verankerd worden.
  • Per 1 juli 2016 moeten bedrijven en instellingen gaan werken aan een klokkenluidersregeling. In de WOR is hiertoe artikel 27, lid 1m toegevoegd. Achtergrond van deze verplichting vormen de verschillende klokkenluiders die, terecht, misstanden aangekaart hebben maar die hiervan nadelige gevolgen hebben ondervonden. In het geval van de NZa heeft het een klokkenluider zelfs ertoe gebracht de hand aan zichzelf te slaan. Kern van de Wet op het Huis van de Klokkenluiders (de wet waaruit de verplichting tot het invoeren van regelingen is voortgekomen) is dat de medewerkers er wel eerst  alles aan gedaan moeten hebben om intern misstanden aan te kaarten. En hier zit een manco in de wetgeving. Het is namelijk nogal wat als je dat als medewerker doet. De mogelijkheid om het bij een vertrouwenspersoon aan te kaarten zou hier een grote dienst kunnen bewijzen. Probleem is echter dat de positie van de vertrouwenspersoon niet wettelijk is geregeld. Deze zou ook een belangrijke rol kunnen spelen in de meldingen met betrekking tot het pesten op de werkvloer.

 

Vertrouwenspersoon

Als iets de PSA en het melden van misstanden beter in de hand kan houden, zou dat de wettelijke verplichting moeten zijn om de vertrouwenspersoon in een organisatie of instelling te verankeren. Juist dat ontbreekt volledig en dat is een gemiste kans. Eén van de komende wijzigingen in de arbowet is het instemmingsrecht voor de medezeggenschap voor de benoeming en de bepaling van de plaats in de organisatie van de preventiemedewerker. Het zou de moeite waard zijn om op vergelijkbare wijze de positie van de vertrouwenspersoon wettelijk te verankeren. Of daarmee de PSA van tafel is geveegd, valt te betwijfelen. Maar dat hiermee de grip op dit probleem wordt versterkt is een ding dat zeker is.

Wilt u op de hoogte blijven van het laatste nieuws omtrent Medezeggenschap of een Ondernemingsraad training volgen? Neem dan contact op met Merlijn Groep.

Drs. Her Grimbergen

Trainer, coach en adviseur medezeggenschap
Zakenpartner Merlijn Groep
Amsterdam/ ‘s-Hertogenbosch, 12 december 2016

(Bezocht 57 keer, 1 bezoeken vandaag)
Redacteur

Comments are closed.